language:   nl eng

Advertenties in Veeteelt gewaardeerd

Onderzoek in opdracht van Veeteelt, vakblad voor Vlaamse en Nederlandse melkveehouders, uitgevoerd in juni 2006

 

Ondanks de – ook onder boeren gebruikelijke - kritiek op reclame, in persoonlijke interviews en groepsdiscussies met veehouders komt vaak naar voren dat advertenties in het vakblad ook gewaardeerd worden. Hetzij als nuttige informatiebron - mits doelgroepgericht -, dan wel omdat men meent dat adverteerders het blad sponsoren en dus betaalbaar houden - mits met mate en mits het abonnement dan ook niet duur is. Vooral de waardering voor de advertentie als informatiebron zal de adverteerder verheugen, maar ook het ‘sponsorschap’ heeft een prettig neveneffect: het plaatst de boodschap daarmee in een positieve omgeving en draagt zo bij aan herkenning en de gewenste beeldvorming. Maar uitspraken in groepsdiscussies laten zich niet kwantificeren: Hoeveel veehouders vinden advertenties (in Veeteelt) nuttig om deze redenen? Dit was voor ons aanleiding om enkele vragen aan het onderzoek Agrarische Media Melkvee 2006 toe te voegen en dit thema aan ca. 500 melkveehouders – in Nederland en Vlaanderen en met minstens 30 stuks melkvee – voor te leggen.

We legden de veehouders de vraag voor in hoeverre ze het eens zijn met deze stellingen:

 

advertenties in Veeteelt zijn welkom omdat ze vaak nuttige informatie bevatten.”
advertenties in Veeteelt zijn mede welkom omdat ze het vakblad betaalbaar houden.”
de advertenties in Veeteelt zijn vaak fraai uitgevoerd en verrijken zo het blad.”
door advertenties in Veeteelt word je attent gemaakt op nieuwe producten. ”

De resultaten bij 335 Nederlandse veehouders (30+ mkk) die Veeteelt wel eens lezen:

 

 

Vrijwel unanimiteit in Nederland over de stelling dat adverteerders (mede) welkom zijn omdat ze het blad betaalbaar houden. Slechts 4% is het hier geheel of grotendeels mee óneens. Ook in alle regio’s is circa 90% het hier helemaal of grotendeels mee eens, met een opmerkelijk verschil: in de noordelijke provincies is men het er significant veel vaker helemaal mee eens (66%) en in het zuiden ligt dat beneden het gemiddelde (met 39% helemaal mee eens). Ook bij opleidingsniveau zien we een verband: van de laagopgeleide veehouders is 80% het er helemaal (39%) of grotendeels mee eens, maar we zien hier vooral meer onzekerheid (13% heeft geen mening).

Op de tweede plaats in Nederland komt de stelling dat je door advertenties attent gemaakt wordt op nieuwe producten. Op de tien melkveehouders zijn er gemiddeld zeven het daar helemaal of grotendeels mee eens, tegenover eentje met gemengde gevoelens en twee die het er niet mee eens zijn. De standaardvariabelen waarna we de uitkomsten hebben uitgesplitst tonen weinig verschillen óf het moet de constatering zijn dat er een logisch verband is met internetgebruik: de kleine groep (<20%) die zelf geen internetaansluiting heeft is het significant vaker helemaal eens met deze stelling: 79% is het hier helemaal of grotendeels mee eens (t.o. 67% van de internetgebruikers).

Het wat breder geformuleerde “advertenties in Veeteelt zijn welkom omdat ze vaak nuttige informatie bevatten” krijgt iets minder steun, al is ook hier nog steeds ruim de helft (52%) het er grotendeels of helemaal mee eens en zijn er meer twijfelaars (27%) dan veehouders die het er niet mee eens zijn (21%). Ook nu zijn het weer degenen die geen internetaansluiting hebben die hier bovengemiddeld mee instemmen (67% mee eens), maar ook bij de internetgebruikers is de helft (49%) het hier wél mee eens: advertenties zijn nuttig en welkom.

En een compliment voor de adverteerder in Veeteelt: 65% vindt dat de (vaak) fraai uitgevoerde advertenties het blad verrijken; 16% is het daar min of meer mee óneens en 18% heeft geen (eenduidig) oordeel. We zien een licht verband met leeftijd (40+ ers zijn het hier wat vaker helemaal mee eens = 26%) en opleiding: hoe hoger opgeleid, hoe meer men neigt naar een wat neutralere.

Dezelfde stellingen werden voorgelegd aan 157 Vlaamse veehouders (30+ mkk) die Veeteelt wel eens lezen, met dit resultaat:

 

 

Ook in Vlaanderen grote instemmendheid over de stelling dat adverteerders (mede) welkom zijn omdat ze het blad betaalbaar houden. Slechts 2% is het hier geheel of grotendeels mee óneens.

En ook in Vlaanderen komt de stelling dat je door advertenties attent gemaakt wordt op nieuwe producten op de tweede plaats. 84% van de Vlaamse veehouders is het hier grotendeels of helemaal mee eens en 11% reageert neutraal, zodat er slechts 5% resteert die het hiermee (grotendeels) niet eens is. Van een regionaal verschil tussen het westen (O-W-Vlaanderen) en de rest van het Vlaamse gewest en ook tussen wel/niet internetgebruik (30% van de 30+ bedrijven heeft geen aansluiting) is ook hier geen sprake.

De stelling dat advertenties in Veeteelt nuttige informatie bevatten krijgt steun van 72% van de Vlaamse melkveehouders en de rest is overwegend neutraal: 7% is het min of meer oneens met deze stelling. We stellen daarbij een verband met opleiding vast: hoogopgeleide melkveehouders kiezen vaker dan gemiddeld de neutrale tussenpositie en juist minder vaak het antwoord grotendeels mee eens.

En tot slot de stelling dat de vaak fraaie uitvoering van de advertenties het blad verrijken: daar zijn 7 van de 10 Vlaamse veehouders het mee eens, terwijl er 2 van de 10 voor het neutrale midden kiezen en één op de tien het er niet mee eens is. Ook hier dus een compliment voor de adverteerder in Veeteelt. Hoewel de waardering het grootst is bij laagproductieve bedrijven (tot 7000 kg per koe), bij laagopgeleide boeren zonder internetaansluiting, overheerst deze mening in alle segmenten.

Vergelijking Nederland – Vlaanderen:

Tot slot hebben we de gemiddelde scores op de vier stellingen berekend. Die gemiddeldes zijn hoog en lopen vooral in Vlaanderen weinig uiteen (van 3,9 tot 4,3). Zowel Nederlandse als Vlaamse melkveehouders waarderen de steun uit de advertentie-inkomsten, maar de Nederlanders lopen daarin voorop. Ook de waarde van advertenties in Veeteelt voor het attenderen op nieuwe producten scoort in beide landen hoog, nu met Vlaanderen voorop. En op een vooral in Nederland wat lager niveau geldt dat ook voor advertenties als nuttige informatiebron en als verrijking door de fraaie uitvoering.

 

 

Conclusie: Slechts maximaal 9% (fraai - Vlaanderen) tot 21% (nuttig - Nederland) is het min of meer oneens met onze stellingen. Adverteren in een “passend” vakblad voor veehouders heeft dan ook zin. Lezers waarderen niet alleen vrijwel unaniem dat hierdoor het vakblad betaalbaar blijft, maar realiseren zich ook dat ze attent gemaakt worden op nieuwe producten en nuttige informatie toegespeeld krijgen. En ook speelt mee dat advertenties in Veeteelt vaak fraai zijn uitgevoerd en het blad zelfs nog verrijken.

 

<< terug